Ze laat het leven los…

1
3085

Na een pittige eerdere nachtdienst gehad te hebben met veel calamiteiten, reuring en volle maan gebeuren starten we met onze tweede nacht. Van een collega horen we dat er een bewoner bij haar op de afdeling aankomende nacht wel eens zou kunnen te komen overlijden. Tenminste dat zegt haar gevoel. We spreken af wanneer ze ons nodig mocht hebben, dat ze contact zoekt en zo gaan wij ieder ons eigen weg.

In de kleine pauze die we inlassen treffen we elkaar en we besluiten bij de desbetreffende bewoner samen even om het hoekje te kijken. Haar bed staat zo laag mogelijk bij de grond en ervoor ligt een “val mat” waar ik op mijn knieën ga zitten zodat ik dicht bij haar ben. Ze is ver weg en haar ademhaling gaat zwaar. Haar ogen kijken nergens meer heen en hebben een lege blik. Haar eens zo glanzende kleine kraaloogjes zijn niet meer, haar eens zo typisch makende geluidjes zijn niet meer. Ik streel haar over haar haren en zie dat ze aan het vechten is. Haar geest, wat haar al geruime tijd zo in de steek laat, vecht nu voor alles wat het waard is. Alleen haar lichaam geeft het nu op. We blijven zolang het kan bij haar zitten en ik vind het wat stilletjes in haar kamer. Er is geen radio aanwezig of een cd speler en ik denk eraan om straks, mocht er tijd zijn, weer langs te gaan en mijn eigen telefoon mee te nemen zodat ik een muziekje voor haar opzetten kan.

We gaan weer even allemaal onze eigen weg, hoe moeilijk het ook is om haar weer alleen te moeten laten. Na de ronde gelopen te hebben is het eigenlijk tijd om wat te gaan eten maar we besluiten toch eerst nog even weer alledrie naar haar toe te gaan.

We zien dat haar toestand snel achteruit gaat en ik kniel weer voor haar bed neer. Ik fluister zacht tegen haar en we merken dat haar ademhaling wat rustiger is wanneer wij wat zachtjes praten. Ik herinner mij mijn telefoon en ik zoek wat nummers op. “De Heer is mijn Herder”. Ze reageert gelijk, haar ademhaling wordt wat rustiger. Het volgende nummer wat ik opzoek is “Blij mij nabij, wanneer het duister daalt”.

Halverwege het nummer moeten mijn beide collega’s naar andere bewoners toe ik en blijf dicht bij haar. Mijn telefoon dichtbij haar oor en wat is het goed zichtbaar dat haar lichaam zich aan het ontspannen is en ze langzaam dit leven los laat. Het laatste couplet wordt ingezet en ze zet opeens grote ogen op en lijkt mij aan te kijken maar kijkt toch ook weer dwars door mij heen. Ik hou haar vast, kus haar op haar voorhoofd en fluister haar toe: “Laat maar los, u bent niet alleen…”

Een diepe zucht volgt en toen liet ze het leven los…

Zij waar ik ooit eens een dansje mee deed, op het ritme van haar eigen hartslag. Zelf noemde ze het de hartslagdans. Haar hartslag toen nog dansende in mijn armen. En nu haar hartslag die ons loslaat.

Door Jacquelien

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER