Mijn lieve moeder

0
1594
moeder

Mijn lieve moeder, jij hebt zo veel nagelaten. Het zijn niet alleen je levenslessen, wijsheden of tradities, het is veel meer dan dat. Nog steeds denk ik terug aan die dag waar woorden in mijn gedachten gekerfd werden,.. toen je het mij vertelde. Te jong, dat was ik om het toen al te beseffen, wat de impact van dit alles zou zijn. Meedogenloos was het verdict. ”Borstkanker.” Dat ene kleine knobbeltje veroverde jouw lichaam en gijzelde je in gedachten. Nog steeds kwel ik mezelf met onopgeloste vragen, verplaats ik mij in je gevoelens van toen en pijnig ik mij door uitgesproken beelden te laten herleven. Ook fluister ik nog steeds je naam in donkere nachten hopend dat ik over je zal dromen en doet de angst mij verlammen als het besef fel toeslaat van een jonge moeder met borstkanker.

Ik zag het wel hoor, dat een zoveelste chemokuur je ziek maakte. Meermaals ging ik slapen met een hoofdtelefoon en het maakte mij niet uit wat voor muziek er binnen handbereik lag. Alles was goed genoeg om het niet te hoeven horen; hoe de badkamerdeur van een verdiep lager openging en jij het ziek zijn uitbraakte in het toilet. Ik kon het niet aanhoren, het brak mij in duizenden stukken, zo wreed was de realiteit. En hoe erg is het niet? Jij die met al je opgespaarde krachten probeerde overeind te blijven. Het was toen als de ziekte in haar remissie ging dat wij plots konden hopen; zou het zijn? Gaat het deze keer lukken?

Mooie momenten waren het; plannen maken en samen onze bootreis verder zetten, langs de stille wateren in het prachtige Nederland. Even onbezorgd samen genieten, gezamenlijk ontbijten op het achterdak van onze boot. Terwijl de zon haar eerste stralen tevoorschijn haalde. En de vele typische museumbezoeken waar ik toen zo tegen opzag, maar nu met het ouder worden zo ontzettend hard mis. Toen konden wij het niet weten, dat dit alles van hoop een spel van de kanker was, het treiterde ons, daagde uit maar langs de andere kant liet het ons even genieten, om daarna weer keihard toe te slaan en zich verder verspreide in je lichaam. Mijn lieve moeder, je vocht met een gezonde geest tegen een ziek lichaam. Het was onmenselijk moeilijk om jou te zien lijden. Slopende jaren volgde.

Onbewust schakelde ik over naar een denkwereld die niet strookte met de waarheid. Het was een overlevingstactiek, mijn toevluchtsoord die geleidelijk aan groeide in mijn leven. Dit maakte dat ik mijn greep op de realiteit verloor. Ik begon te geloven dat jij deze ziekte zou overwinnen. Jij kon wel eens de uitverkoren zijn die een kans kreeg om te leven zodat wij nog vele reizen konden maken, maar bovenal die heftige pijn zou verdwijnen. Hoe naïef ben ik toen niet geweest! Is het niet erg? Dat ik in al deze bagage de echtheid niet meer zag? Hoe egoïstisch was het niet om mij te verbergen in een wereld die een scherp contrast vertoonde met de werkelijkheid, waar jij tenslotte in worstelde en broos in achterbleef.

Tijden blijven voor niemand stilstaan, maar die van jou ging na jaren van ziekte wel in een heel hoge versnelling. Thuis blijven ging niet meer, het was een kleine hospice waar het huiselijke hoog in het vaandel lag, omgeven met een prachtige groene natuur daar ging je wonen tot… De waarheid drong door. Ik zag je, in het echt. Je was veel te mager; het viel mij op in dat grote bed waar jij in wegzonk. Ik kon niet anders dan leren omgaan met de tijd die ons restte, dagelijks een bezoek brengen en bij het doorgaan een avondzoen, want het kon wel eens de laatste zijn. Juist door het zien van de werkelijkheid zag ik je niet alleen, maar voelde ik jou ook. De gedachten die ik een lange tijd opbouwde in mijn fantasiewereld liet ik varen. Ik ging mee in jouw verhaal. De laatste momenten drongen door met veel pijn ervaarde ik dat dit het was; “geen feestdagen meer, geen einde jaar en ook geen nieuw begin, geen verjaardagen. Alleen een doos praline voor die ene witte met een noot middenin, een favoriet van jou.”

Onze laatste avond was in een volle zomer. Alles stond in bloei de natuur op zijn best. Die nacht haalde jij niet meer. Heel bewust is de dag voordien afscheid genomen; mijn tranen zijn nog steeds puur. Het was de eerste keer dat ik de dood zag – verschrikkelijk. Strijdend om je leven tot het je laatste adem nam, voor de laatste keer een diepe zucht naar levenslucht. Heel bewust ben ik komen kijken toen de dood je van mij had afgenomen. Aan de rand van je bed stond ik te staren naar je gezicht, niets van pijn kon ik waarnemen, fluisterde je naam…”mama.” Hopend dat je ogen zich zouden openen en jij herboren zou zijn. Wachtend op een teken van waar dan ook. Geruisloos bleef ik staan. Jij en ik alleen in een kamer, terwijl er buiten op de gang het leven verder ging . Ik heb het uitgeschreeuwd toen jouw ogen gesloten bleven. “En nee lieve verpleegster, ik wilde geen omhelzing van jou en ook geen troostende woorden.” Hoe goed bedoeld ze ook waren het hoefde niet. Alleen jij mijn lieve moeder,… jij had mij kunnen troosten. Je weet wel, zoals vroeger al die keren dat ik thuiskwam met een open knie en jij je tovermiddeltje bovenhaalde. Voorzichtig deppend met een beetje roodsel kleurde jij een zonnetje op mijn geschaafde been. Ik wilde alleen “ jouw woorden, jouw armen, jouw warmte en jouw stem. “

Mijn leven na die avond nam ik op zoals voorheen. Dit intense verdriet schuilt nog steeds diep in mij en na al die jaren zit ik middenin een rouwfase. Je ziet het niet altijd en een buitenstaander kan hierover niet oordelen of het zomaar begrijpen. Je kan mijn pijn niet voelen want het is mijn pijn. Het mijn verdriet. Het is mijn moeder.

Voorgoed droombeeld

genadig voor

haar gedempte licht

ontspringen

liederen en verzen

om wie ze was

trouw aan

vervlogen jaren

geruisloos en durvend

langzaam

starend

bezield denkbeeld zo broos

verloren in het bestaan

mijmerend overgegaan

Geschreven door An de Bock

DELEN

LAAT EEN REACTIE ACHTER