“Werken in de hitte vind ik verschrikkelijk”

0
2784

Nu de temperatuur tot tropische waarden stijgt, is het nauwelijks uit te houden op het werk. Voor zowel de verpleegkundigen en verzorgenden als de bewoners. Er is dan ook een hitteplan van kracht. Wat doen ze om het werk toch vol te houden en zo aangenaam mogelijk te maken voor de bewoners?

Sannie Pouw: “Ik werk als verzorgende IG op een afdeling somatiek met zeventien cliënten, waarvan twee appartementen met een echtpaar. Daarnaast werk ik op een afdeling met licht dementerenden (pg) met vijftien cliënten) Vanaf februari doe ik de opleiding tot verpleegkundige.

Het is ook voor de mensen die in de zorg werken, lastig om met de hitte te werken, vooral met cliënten die met liften geholpen moeten worden. Zelf geniet ik met de warmte en krijg ik meer energie, hoe hek het ook klinkt. Tuurlijk, het liefst heb ik ook vrij met warm weer en zit ik in de tuin of op het strand. Ik denk velen met mij. Zelf probeer ik me luchtig te kleden. Ik heb wel werkkleding, maar de lange broeken laat ik achterwege. Ik probeer genoeg te drinken en me rustige te houden. Ik doe wat langer over de looplijsten en begin vrij vroeg in de zorg. Degenen die al wakker zijn, die help ik gelijk. Ik neem wat meer rust en blijf genoeg drinken, vooral water.

Zoals in elk verzorgingstehuis of verpleeghuis moet er een protocol zijn voor de hitte. Nu zijn die best wel verschillend. Bij ons gaat ie van start boven de 25 graden. Je moet voldoende vocht geven, het liefst water. Echte voeding geven, fruit, etc, en de cliënten luchtige kleding aangeven. Zorgen dat het koel blijft op de kamers en we laten ze zo weinig mogelijk doen Vooral de kwetsbaren houden we erg in de gaten. Bij dementerenden bijvoorbeeld komt het vaak voor dat ze een glas drinken voor zich hebben staan en als je niet oplet, staat het er aan het eind van de middag nog. Deze cliënten moet je dus helpen en stimuleren. Ook geven we veel watereisen en natte, koude handdoeken. We houden de zonneschermen en de gordijnen dicht op plekken waar de hele dag de zon staat en in de avonden zetten we alles open. Het helpt om ze meer drinken te geven en wat vaker langs te gaan om te kijken of alles oké is. Met douchen laten we de deur open, want in een kleine ruimte wordt het erg snel warm.

Op de pg-afdeling doen we iets minder actieve spellen en lezen we meer de krant of doen woordspelletjes. Op de pg-huiskamer klagen sommigen dat het erg warm is. We hebben namelijk geen airco in het huis. We zeggen dan ook altijd ‘probeer rustig te blijven en zo min mogelijk te doen. Veel drinken en als er iets is, bellen’. Dat gebeurt dan ook wel met regelmaat! Het blijft altijd lastig met kwetsbare ouderen in de zorg. We moeten alert blijven en meer controleren. Ook moeten we voor elkaar zorgen als collega’s, even wat meer pauze en rust nemen met de hitte. Dan maar wat later klaar met zorg leveren in de ochtend. Het wordt vanzelf tijd om naar huis te gaan. De ouderen zijn afhankelijk van ons! Juist voor dat laatste beetje zorg.”

Melissa Bouwmeester. “Ik vind het werken in de hitte verschrikkelijk. Ik kan heel slecht tegen die warmte en zulke hoge temperaturen. Wat ik doe om de hitte te doorstaan, is extra drinken en tussendoor korte pauzes nemen om even weer op adem te komen. Of voor een ventilator hangen om tijdelijk wat verkoeling te krijgen. Ik werk met oudere mensen van tussen de 75 jaar en 100 jaar in een woonzorgcentrum. Ik ben verzorgende IG en contact verzorgende. Het hitteprotocol is sinds eergisteren officieel van start gegaan. Praktisch houdt dat in: extra drinken, bouillon of een ijsje aanbieden. Qua persoonlijke zorg: dat bespreken we met de bewoners zelf. Je kunt dan bijvoorbeeld denken aan wel of niet douchen. Dat is wat de bewoners zelf willen. Wij als werknemers mogen een ijsje pakken en hebben te horen gekregen dat wij ook ons zelf in acht moeten nemen en genoeg moeten drinken.

Qua activiteiten is er weinig tijdens de warmte. Onze bewoners zijn dan meer op zichzelf. En we hebben weinig mogelijkheden tot schaduw bij ons en rondom ons gebouw. Wel adviseer ik om ventilators aan te schaffen voor op hun eigen appartement, zodat er toch een zuchtje wind langs hen heen komt.”

Elaine Dekkers is verpleegkundige op een pg groep met licht tot zwaar dementerenden. Ze heeft ook regelmatig de verantwoordelijkheid over het hele verpleeghuis. `Het kost mij meer energie, ik ben sneller moe. Je moet je bewust zijn dat je een stapje terug doet, anders gaat het ten koste van jezelf. Ik ben sneller geïrriteerd en krijg niet van alle bewoners of familie begrip als ik even ga zitten om wat te drinken en bij te komen. Ik zorg ervoor dat ik het volhoud, door extra water in het zicht te hebben staan, zodat ik tussendoor wat slokjes kan drinken. Ook draag ik luchtige kleding. Ik doe geen extra karweitjes. Wat later kan, komt later met de bewoners. De bewoners douchen met de deur open. We passen het eten aan: geen zware maaltijd, maar licht verteerbaar, en laten ze bouillon drinken. We proberen ervoor te zorgen dat ze toch voldoende nachtrust krijgen. Wij koken zelf en maken regelmatige salade of een koude schotel. Elke dag is er verse soep, er is extra fruit en er staat altijd een kan siroop. Elk uur wordt er drinken aangeboden.

Volgens het hitteprotocol moeten we zware inspanning vermijden, zowel zelf als de bewoners. Drink voldoende, bewoners minimaal 1,5, liefst 2 liter. Zorg dat bewoners ook zout binnenkrijgen door middel van soep of bouillon. Luchtige kleding, geen dekbed maar laken op het bed, ’s nachts ramen open voor frisse lucht, overdag deuren en ramen dicht, waar mogelijk airco aan en waterijsjes aanbieden. Luchtige kleding valt niet altijd mee, want de bewoners willen steevast een vest aan, want een open raam of deur betekent dat het koud wordt binnen. We doen geen extra activiteiten: wel de krant lezen, een puzzel maken of de tv aan met een muziek-dvd of braintrainer. De bewoners reageren op de hitte doordat ze minder kunnen hebben, sneller geïrriteerd zijn, mopperen en onrustig zijn. Ze zijn boos omdat we aandringen om goed te drinken en ‘geen dorst hebben’. Ze willen dikkere kleding aan, uitleg geven werkt niet. “Ik heb altijd een vest/lange mouwen aan, wie ben jij om te zeggen dat ik dat niet mag”. Het kost veel geduld om ze toch zover te krijgen dat ze gaan drinken en hun vest uit laten,”

DELEN

LAAT EEN REACTIE ACHTER