Mooie momenten tijdens de zorg

0
1088

Pasgeleden was ik op, wederom, een hele leuke afdeling van een gemoedelijke locatie.

Het was hard werken, zoeken, rennen, maar zo leuk!
Een vrouw, revaliderend, 80+ , zag eruit als om door een ringetje te halen, op haar truitje een anker. Ik gaf aan dat ik gek ben op ankers, prachtige symboliek. Dat gaf een leuk gesprek over leeftijd. “Ach kind, ben je pas 43? Wat heerlijk als je heel je leven nog zo voor je hebt.” Ik moest lachen, want ik voel me vaak zóveel ouder dan m’n 43. Maar ze ging door: “Wat zou je nog willen doen?”

Ik gaf aan dat ik al een heerlijk leven heb, maar dat ik het fijn zou vinden om iemand te vinden om dingen mee te doen. Een maatje om overal mee naar toe te rijden/gaan. “Mag een man zijn”, gaf ik nog schalks aan. “Dan ga je dat vandaag nog regelen,” zei ze. “Je bent veel te jong en veel te mooi om alleen te zijn.” We begonnen te praten over de voor- en nadelen van mannen (en vrouwen 😉 ) en moesten lachen.

Dit allemaal tijdens de ochtendzorg. Ik was vertederd door deze vrouw, die vertelde dat ze zo graag naar huis wilde, maar dat ze nog een paar weken moest wachten. Hoe gelukkig ze was geweest met haar man en hoe dankbaar voor de mooie herinneringen (staaltje rouwverwerking). Het klinkt zo zoetsappig misschien, maar het was echt een leuk gesprek. Deze vrouw ontroerde me en zo stond ik ’s ochtends vroeg bijna met tranen in m’n ogen.

Ik vroeg of ze hier een beetje kon wennen. Ik begreep echt dat ze liever naar huis wilde, uiteraard. Maar was er iets dat ik kon doen voor haar die dag, waardoor ze toch een beetje blijer werd? Ze pakte m’n hand en zuchtte: “Ach…” Meer zei ze niet op dat moment. Pas toen het moment voorbij was, we klaar waren met de ochtendzorg, zei ze ineens weer bij de moed: “Weet je waar je me blij mee kunt maken? Met een kopje koffie.”
Nou, dat was niet moeilijk te regelen. En dus zei ik alsnog blijmoedig gedag tegen haar.

’s Middags zaten we te wachten op het eten. Andere situatie, andere mensen. De stilte in de kamer was ondraaglijk en we zaten met vijf zorgvragers en twee verzorgenden te wachten tot het eten gebracht zou worden. Ik probeerde de stilte te breken met een gesprekje met de man tegenover me. Die bleef me echter strak aankijken en zei helemaal niets. Ik vroeg gekscherend of we een staarwedstrijdje zouden doen, maar na een halve minuut strak in zijn ogen gekeken te hebben, waarbij hij niet eens knipperde (ja, dat kon hij wél én hij kon me verstaan 😉 ) gaf ik het op. Ik kon mijn charmes inzetten wat ik wilde, het werkte absoluut niet. Dat kan natuurlijk. Gelukkig kwam de kar met eten niet veel later, waardoor ik het opgelaten moment gelukkig voorbij was.

Ik heb nog gezellig gezongen met de vrouw, aan diezelfde tafel, die zo van de Beatles hield. Haar ‘onderkantje’ gekscherend pussycat noemde, waarna we uiteraard Missisippi zongen. “Ik kan niet zingen zuster. Zing jij maar, want jij kan het wél.” Ik gaf nog aan dat het helemaal niets uitmaakt of je wel of niet kunt zingen. “Hup, zingen!” Maar ze was onverbiddelijk ;-). Deze vrouw was heel vriendelijk, lief en ondanks haar ziekte heel goed bij de moed. Een gevoel voor humor waar ik heel erg van hou. Of ik in haar situatie ook zo ‘glas is altijd halfvol’ zou kunnen zijn? Ik durfde de vraag niet te beantwoorden.

Ze zorgde ervoor dat ik weer wat positiever denk over ver weg met de auto rijden, want soms is er geen andere keuze dan te blijven waar je bent. Zij kon nagenoeg niets. Dan kun je maar beter op avontuur gaan en af en toe met je handen in het haar zitten over welke kant je op moet, niet dan?

Met dank denk ik terug aan deze twee inspirerende vrouwen, die helemaal niet stilstonden bij de ‘impact’ die ze hadden. Tijdens de (ochtend)zorg kun je zulke leuke, mooie, bulderende-lach-momenten hebben met mensen. Hartstikke fijn om die momentjes te pikken

Morgen mag ik weer. Mooi 🙂

Geschreven door Miryam

LAAT EEN REACTIE ACHTER