Huisartsen: nog steeds te weinig eerstelijnsbedden

0
1816

Huisartsen hebben grote moeite bij het regelen van een eerstelijnsbed. Slechts 21 procent van de huisartsen krijgt het voor elkaar om op dezelfde dag over een bed te beschikken. Dat blijkt uit een peiling onder de achterban van de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV).

De LHV vindt het een kwalijke zaak dat er onvoldoende bedden beschikbaar zijn als dat voor de patiënt nodig is en waarschuwt voor de gevolgen in de griepperiode. Vorig jaar trokken de huisartsen ook al aan de bel: bedden waren niet direct beschikbaar, het kost veel tijd om een beschikbaar bed te vinden en het is onduidelijk waar welk bed zich bevindt.

Ouderen langer thuis
Het bieden van een kortdurend verblijf met gericht op herstel levert een belangrijke bijdrage aan het langer thuis wonen van ouderen. Daarom is het belangrijk dat eerstelijnsbedden voldoende beschikbaar zijn als ouderen dat nodig hebben. Hierdoor komt het langer thuis wonen volgens de ledenpeiling – een peiling onder 1233 huisartsen – onder druk te staan. Als er onvoldoende ELV-bedden beschikbaar zijn bestaat het risico dat de patiënt onnodig in het ziekenhuis terecht komt. En dat terwijl in het hoofdlijnenakkoord juist is afgesproken dat er ruimte is voor groei voor het eerstelijnsverblijf. Daarom wil het LHV dat er vaart wordt gemaakt met het inkopen van voldoende bedden per regio.

Zoektocht
Het vinden van beschikbare bedden, blijkt een lastige zoektocht. Het kost veel tijd en in bijna 60 procent van de gevallen is er geen ELV-bed vrij of is niet duidelijk waar het ELV-bed is (33%). Het LHV gaat zich hard maken voor meer beschikbare bedden en een goed functionerend loket waar huisartsen hulp kunnen vragen bij het vinden van een beschikbaar bed. Ook moet de administratieve last die ontstaat rond het ELV worden teruggedrongen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER