De biecht

0
173

Dagelijks, soms wel twee keer, bezoekt ze haar man. Ze vroeg me of ik haar kon helpen, want ze had een berichtje ontvangen op haar telefoon, maar wist niet hoe ze dat moest openen.

Het bleek een herinnering te zijn voor het controle in het ziekenhuis. “Wat gek, die dokter zei dat ik niet meer terug hoefde te komen.” Ik schreef de datum en tijd en het telefoonnummer voor haar op, zodat ze de afspraak af kon zeggen. Daarna schreef ik voor haar op hoe zij berichtjes kan openen en verwijderen.

“Ik ga thuis meteen bellen.”
“Het is zondag vandaag.”
“Is het zondag? Dan kan ik beter morgen bellen. Alle dagen lijken ook op elkaar tegenwoordig.”
“Ben je niet naar de kerk geweest vandaag?”

Nee, daar kwam ze al jaren niet meer. Vroeger wel, elke ochtend voordat ze naar school ging werd ze door haar vader naar de mis gestuurd. Op zondag kreeg ze drie centen mee voor de collectes. Ze nam dan ook nog drie knopen mee, die gingen in de collectezakken, terwijl ze de centen bewaarde. Daar kocht ze toverballen voor.

“O jee, voelde je je niet schuldig?”
“Nee hoor, ik ging toch gewoon biechten. Dan kreeg ik absolutie en drie weesgegroetjes mee. Dan was het weer goed.”
“Ja, en dan kon je weer gewoon doorgaan met die knopen.”
“Ja, idioot eigenlijk hè?”

Tegenwoordig gaat ze niet meer naar de kerk. Haar zonden biecht ze aan zichzelf op, waarna ze absolutie krijgt. Ook van zichzelf.

“En verder vergeet ik tegenwoordig toch al gauw wat ik misdaan heb. Dat is het voordeel van ouder worden.”

Geschreven door Wilma Phillipson

LAAT EEN REACTIE ACHTER