Na 33 jaar bij de Belastingdienst, werkt Cisca als verzorgende IG: “Dan kun je niet in dat grote huis blijven wonen’

0
2916

Na een carrière van 33 jaar bij de Belastingdienst, had Cisca Boks (51) er schoon genoeg van. Ze zegde haar baan op en ging een leerwerktraject volgen in de zorg. De omslag kwam toen ze een schoonvader met een dwarslaesie kreeg. Toen ze als vrijwilliger bij een hospice aan de slag ging, was ze helemaal om.

Een carrièreswitch op latere leeftijd: het is niet ongebruikelijk en veel mensen kiezen dan voor de zorg. De redactie van Vrijheid in de Zorg portretteerde deze zij-instromers. Waar komen zij vandaan? Wat zijn hun motieven om voor de zorg te kiezen? In deze aflevering doet Cisca Boks haar verhaal.

Belastingdienst

‘Er wordt zo negatief gepraat over de zorg en ik zit er net in. Dan rem je juist mensen af’, zegt Cisca Boks, die een leerwerktraject tot verzorgende IG volgde. Een opvallende switch: ze heeft ruim 33 jaar bij de Belastingdienst gewerkt, waar ze op haar zeventiende is begonnen als typiste, kreeg ze uiteindelijk een managementfunctie en volgde ze een studie in de avonduren. ‘Ik heb veel studies gevolgd en ben ambitieus bezig geweest’, vertelt ze daarover. Maar toen ze tegen de vijftig liep, begon het ergens te knagen. ‘De baan was prima, maar ik was niet tevreden. Toen heb ik in 2009 een schoonvader gekregen met een dwarslaesie.’ Mensen in haar omgeving zagen dat ze vooral keek naar wat haar schoonvader nog wel kon, en dat hij daarbij gebaat was. ‘Vaak hoorde ik van anderen: hier moet je iets mee gaan doen.’

Hospice

Toen haar schoonvader was overleden, ging Cisca vrijwilligerswerk doen in een hospice. Daar merkte ze dat het zorgen voor mensen haar veel voldoening gaf. Ze voerde gesprekken over sterven, waar mensen wel met een vrijwilliger, maar niet met een naaste familielid over durfden te spreken. Deze ervaring gaf haar het laatste zetje om een thuiszorgorganisatie te benaderen, die haar schoonvader wel eens hielp als hij op vakantie bij haar was, met de vraag: ‘stel dat ik zo’n switch wil maken, hoe kan ik dat dan het beste aanpakken?’.

De organisatie bood aan dat ze stage kwam lopen en de opleiding zou volgen. Er kwam zelfs al tijdens het gesprek een arbeidscontract op tafel, voor twintig uur per week. ‘Na een kwartier fietste ik naar huis met een baan’, vertelt Cisca. Ze ging het gesprek aan bij de Belastingdienst, met veel twijfels. Zij en haar werkgever kwamen overeen dat ze twee dagen in de week op haar oude werkplek zou blijven werken. Ze zou haar uren terug kunnen krijgen als de zorg haar niet zou bevallen.

Kleinschalige zorgboerderij

Ook haar partner maakte een andere wending in zijn loopbaan: hij is vrachtwagenchauffeur geworden, in plaats van projectleider. ‘Voor beide partijen geldt dat we financieel een flinke stap terug moesten doen. Qua salaris leverde ik flink in.’ Goedkoper gaan wonen, in Friesland, bleek de oplossing te zijn. Ze is in een verzorgingstehuis gaan werken waar het ‘echt rennen’ is. Dat voelde niet goed, concludeerde ze na een jaar. ‘Er wordt veel opgelost met vrijwilligers, maar het is niet de zorg die ik wil verlenen.’

Nu werkt ze op een kleine zorginstelling met zes bewoners en twee verzorgenden, op een oude boerderij die is omgebouwd tot particuliere zorginstelling. De opleiding tot VIG’er heeft ze in 2018 afgerond. ‘Qua niveau was het voor mij makkelijk te doen’, blikt ze terug. ‘Mensen om mij heen zeiden: zou je niet liever richting een managementfunctie willen gaan? Je merkt dat je dat niet meer kwijtraakt, maar het is ook leuk om echt op een werkvloer te staan en te beleven wat er aan de andere kant gebeurt.’

Hoe ziet haar toekomst er over vijf jaar uit? Werkt ze dan nog steeds met zoveel passie en toewijding in de zorg? Als het aan haar ligt, wel. ‘Ik vind het heerlijk, ik mis de Belastingdienst absoluut niet. Na dertig jaar heb ik het daar wel gezien. Ik denk dat het goed is om heel wat anders te doen, in een andere wereld. Wat je nu voor mensen kunt betekenen, is enorm belangrijk.’

Toch moet je er wel offers voor brengen, waarschuwt ze. ‘Dan kun je niet dat grote huis blijven houden en moet je het wel echt willen. Mijn partner en ik remmen elkaar daar absoluut niet in af. De kunst is dat je het met z’n tweeën wilt. Het mooie van dit werk is dat je er echt toe doet bij mensen. Ik vind ook de verpleegtechnische handelingen leuk om te doen.’

Dure ICT-afdelingen en kantoren

Het werken op een kleinschalige instelling bevalt haar erg goed. Meer aandacht voor de cliënt, je hebt de tijd voor allerlei werkzaamheden die er ook bij horen, zoals tafel dekken, de was doen of de vaatwasser inruimen. ‘Er wordt zoveel bezuinigd op de zorg. Om dan toch de goede zorg te kunnen verlenen, moet er naar mijn mening bezuinigd worden op allerlei grote afdelingen binnen organisaties. Dus niet op de verzorgenden die aan het bed staan, maar aan dure ICT-afdelingen en kantoren. Nu wordt er te veel opgelost met vrijwilligers. Zolang zij blijven komen, houden grote zorginstellingen het hoofd boven water en verandert het niet’, zegt Cisca. Ze heeft een advies voor andere zorgmedewerkers. ‘Kijk bij jezelf: hoe wil ik zorg verlenen? Ga een werkplek zoeken die bij je past. Hier is er de tijd om een uurtje te wandelen met een bewoner. Daar hoef ik geen vrijwilliger meer voor te bellen, dat voelt heerlijk. Tijdens de zorgmomenten krijg je een band, dat voelt heel kwetsbaar.’

Hart op de goede plek

Terugkijkend op haar leven, had ze nooit gedacht dat ze in een verzorgend beroep terecht zou komen. ‘Ik vind mezelf geen verzorgend type. Ik ben niet iemand die voor de kinderen alles klaarzet, maar vind het heerlijk om voor mensen te zorgen die dat niet meer zelf kunnen. Daar kwam ik achter in het hospice. Mijn schoonvader heb ik niet verzorgd, maar hij is wel degene om wie ik het ben gaan doen.’ Ze zou het werk altijd wel willen blijven doen. ‘Mensen hebben het hart op de goede plek. Ze doen het niet om er rijk van te worden en je hebt nooit dat er een stapel werk blijft liggen.’

LAAT EEN REACTIE ACHTER

98 − 94 =